Mijn eerste reis naar Costa Rica was niets minder dan een droom die uitkwam. Sinds ik actief begonnen was met reizen stond dit land met stip bovenaan mijn verlanglijstje. Steeds kwam het er niet van. Dan zat de tijd niet mee, dan de financiën, dan weer wat anders. Maar ik hield hoop want iets in mij zei mij: ‘Die plek gaat je leven voorgoed veranderen.’

Mijn moeder made the dream come true. Uitgerekend mamsie is ook de persoon die aan de wieg stond van mijn wanderlust. Mama bespaarde vroeger liever op haar eigen prullen dan op onze vakanties. Reizen vond ze belangrijk. Soms gingen we ver, soms minder ver, maar wat mam betrof waren indrukken altijd belangrijker dan spullen. Die reispeper werd met de paplepel in mijn reet geramd, iets waar ik tot op de dag van vandaag heel blij mee ben.

In 2014 was ik nietsvermoedend aan het werk toen mijn telefoon ging en ik ‘mama’ in mijn scherm zag. Ik nam op.
Mama kwam meteen terzake.
‘Ik heb net mijn project afgerond en ik ben de komenden vier weken vrij. Dus ik dacht: Misschien kunnen wij ergens heen. Als jij een leuke reis uitkiest dan regel ik de rest.’
Ik ben hier redelijk aan gewend. Mama is filmregisseur in Moskou en haar projecten verschijnen net zo snel als dat ze gecancelled worden en soms verdwijnen ze net zo snel als dat ze verschijnen. Dan heb je net bedacht dat je elkaar ergens gaat ontmoeten en poef! Heeft mama weer een nieuwe klus. Mama is in die dynamiek op haar best. Als je vindt dat ik ballen heb door zonder enige horeca-ervaring een eigen lunchroom te openen, dan heb je die van haar nog niet gezien.

Het leven en ons werk heeft ons geleerd hoe belangrijk het is om flexibel te zijn en in het moment te leven. Dus als mama belt met ‘laten we wat ondernemen’ dan valt er geen tijd te verliezen. Voor je ‘t weet belt er weer één of andere bobo dat er een project in de steigers staat en dan heb ik mijn moeder weer een jaar niet gezien.

Dus informeerde ik rap naar de randvoorwaarden. Die waren simpel: Binnen de genoemde tijd met mij ergens naartoe. Ik mocht de bestemming kiezen.
Ik mocht kiezen?! Holy shit! Ik vroeg voorzichtig of Costa Rica oké was. Twee dagen later plukte ik de moeder van Schiphol en vier dagen later stonden we aan de voet van een waterval in La Fortuna. Ik kon het allemaal nog niet bevatten.

Rond die tijd was ik ook serieus aan het overwegen om iets heel anders met mijn leven te gaan doen. Een nieuw avontuur. Iets met eten, koken en een happy place. Ik had al vele jaren een steady kantoorbaan en een goed inkomen, maar ik wilde iets vanuit het hart doen. Ik houd van reizen en ik wilde graag een mooie, unieke plek creëren waar die travelvibe in combinatie met lekker eten tot zijn recht zou komen. Ik had alleen geen enkele horeca-ervaring en ik kende ook geen mensen die from scratch een eigen bedrijf inclusief fysieke ruimte, inventaris en personeel hadden opgezet. En ik had ook geen zak met geld, dus allemaal factoren die de uitvoering van mijn plannen ingewikkeld maakten.

Toen belde mama en ineens was ik onderweg naar Costa Rica. Costa fucking Rica! De plek waar ik, sinds ik als kind de verhalen van Gerald Durrel las, al wilde komen. Ineens was daar die reis. En alles wat mijn leven in Nederland betrof liet ik ook echt even in Nederland. De boel de boel. De komende drie weken ging ik van Costa Rica genieten. Van mijn droomland.

En een droomland it was. Over die reis kan ik een boek schrijven. Net als over al mijn reizen. Deze reis gaat de boeken in als absoluut life-changing. Net als de tweede keer dat ik in Costa Rica was, in 2017. Dat was een heel andere reis en een heel ander verhaal. Iets voor een andere keer 😊. In 2014 kwam ik in ieder geval ogen tekort. We reisden van plek naar plek, van de Caribische kust naar de Pacifische kust en steeds viel ik van de ene verrassing in de andere. Costa Rica is prehistorisch en westers tegelijkertijd. In de jungle is het Jurassic Park, maar ieder openbaar toilet is is voorzien van bloemetjes, toiletpapier en handdoekjes. In Costa Rica is alles niet normaal goed georganiseerd. En zo trots als dat de mensen daar op hun land zijn, zo heb ik ze nog nergens meegemaakt. Ik heb alleen maar genoten.

Onze één na laatste stop was Tortuguero, home of the turtle. En het seizoen was ook nog eens de juiste: De tijd van eitjes leggen en uit de eitjes kruipen. Vele mama’s komen iedere nacht bakken met kroost dumpen en twee maanden later rent de kroost weer naar de zee. Als je op het juiste moment in Tortuguero bent, dan kun je zomaar toeschouwer worden van het ene of het andere wonder en als je woeste mazzel hebt zie je ze allebei. Met een beetje pech echter struin je de stranden iedere dag af voor Jan Penis. De natuur laat zich zeker als het op eieren leegknallen aankomt niet timen. Je moet geluk hebben.

Schildpadden spotten die ‘s nachts aan land komen zou makkelijker moeten zijn. Maar dat is in theorie. In praktijk zijn de stranden van Tortuguero tussen zonsondergang en zonsopgang verboden terrein voor pottenkijkers. Compleet terecht en iedereen houdt zich daar ook netjes aan. Als de regel hout snijdt, dan heb je er geen spoedwetten voor nodig. In Tortuguero blijft iedereen, als het donker wordt, gewoon weg van het strand zodat de schildpadden ongestoord hun eiers kunnen leggen. De enige manier om ‘s nachts het wonder der natuur te zien is onder begeleiding van een speciale ranger. Compleet gekleed in `t zwart en zonder zaklamp. De ranger heeft een klein rood lichtje dat de schildpad niet kan waarnemen. En daar moet je het mee doen.

Nu werd ons wel verteld dat niet alle schildpadden even goed kunnen klokkijken en soms, heel soms, is de schildpad aan de late kant. Zodra de zon begint te zwaaien mag je het strand weer op en het kan zomaar gebeuren dat je alsnog een ontmoeting met een prachtige reuzin cadeau krijgt. Nul garanties uiteraard en dan moet je ook nog op het juiste moment op de juiste plek zijn en de schildpad ook nog spotten. Ze hijsen niet de vlag voor je en je loopt zo voorbij de zandberg waarachter de kuil is waar mama lekker ligt te persen.
Ik wist dus dat de kansen op afgedwongen succes klein zouden zijn, maar ik wilde het wel proberen. Uitkomende eitjes hebben wij helaas niet mogen meemaken. Hoe vaak wij ook over het strand liepen, turend in de lucht (de beste manier om te weten dat er een nest uitkomt is door uit te kijken naar vogels die boven één plek cirkelen), wij hebben niks gezien. Dus zette ik mijn zinnen op de mama’s die wellicht zijn blijven dralen. Iedere ochtend trok ik mijn eigen mama om 5 uur uit bed en gingen wij het strand op, hopend op een wondertje. Het strand liep je op via een klein pad door de jungle. Rechtsaf was een enorm stuk strand en linksaf was een klein strandje dat na een kwartiertje lopen tegen een grote rots eindigde. Om onze kansen op succes te vergroten liepen wij iedere ochtend (samen met nog een paar volharders die zich op dat tijdstip uit bed wisten te hijsen) naar rechts het lange strand op, zo lang er moed was in de voeten. U raadt het al. Volop sporen maar zero succes.

Onze laatste ochtend in Tortuguero. We hadden een lange reis voor de boeg, ons avontuur zou in Cahuita eindigen. Het is 5 uur, de wekker piept en ik kom kreunend in beweging. Mama haakt vandaag af, het is voor haar mooi geweest. Even denk ik: ‘Laat ook maar…’ maar het is mijn laatste dag hier. Mijn laatste kans. Geen goed moment om op te geven.
Die dag besloot ik om het strand niet naar rechts maar naar links af te lopen. Voor de rebelse afwisseling en ook een beetje om deze laatste actie af te bakenen. Na de rots kon ik niet verder, einde wandeling. Ik was alleen. Wie hetzelfde plan had opgevat, ging weer rechtsaf. Waar ik liep was niemand….

…behalve de schildpad!

Ik was al tien munten onderweg, het strand afscannend en de moed verliezend toen ik ineens dicht bij de struiken zand zag opvliegen. En dan weet je het. Ik rende naar de kuil om nog de laatste eieren te zien. Ze was al laat dus ze had haast. Op gepaste afstand zag ik haar het nest dichtmetselen en richting zee schuiven. En sneller dan je zou denken. Schildpadden blinken niet uit in atletiek, maar als ze vaart willen maken dan moet je rennen om ze bij te houden.

In nog geen 5 minuten was het feest gefeest. Voor ik het wist had de schildpad de zee al bereikt. Nog één keer zag ik haar pantser boven het water uitsteken en ze was weg. Ik heb haar nog een tijdje na staan kijken. Vaak hoor je van die verhalen over volhouden en doorzetten en dacht ik altijd ‘ jaja, zal wel.’ Nu had ik ineens mijn eigen verhaal. Ook geen garantie natuurlijk dat het leven je doorzettingsvermogen altijd beloont, maar iets proberen kan in ieder geval geen kwaad, dat had ik hier al wel begrepen. En op het juiste moment linksaf slaan wil soms ook een beetje helpen.

Toen ik omkeek zag ik mama aan komen rennen. ‘Ik dacht…ik kom toch nog even kijken…’
Jaja, you snooze, you lose. Nog zoiets.

Dat was september 2014. November 2015 tekende ik de huurovereenkomst, april 2016 kreeg ik de sleutel en 20 mei 2016 gingen de deuren van Sunshine open. Ik denk ook dat de naam, waar ik lang naar heb gezocht, uiteindelijk perfect gekozen is.